De onderhandelingen voor de prestatieafspraken met de gemeente Utrecht en de Utrechtse corporaties zijn begonnen. Op 5 mei heeft Wooninspraak namens de huurders van Woonin haar inzet duidelijk gemaakt. Zo vindt Wooninspraak dat wanneer corporaties als Woonin niet goed hun werk doen, de huur minder mag worden verhoogd. Naar aanleiding van het debacle met gasloze woningen bij De Omloop in Utrecht moet er een minimumkwaliteit worden afgesproken voor installaties en garanties komen voor beperkte energielasten voor huurders. Ook wil Wooninspraak een steviger inzetten op leefbaarheid: meer sociaal-wijkbeheerders, een hogere bijdrage aan bewonersbudgetten en de vergroening van tuinen.
Woonin heeft woningen in vier gemeenten: Houten, Wijk bij Duurstede, Nieuwegein en Utrecht. Voor iedere gemeente worden aparte afspraken gemaakt. Corporaties, gemeenten en huurderskoepels als Wooninspraak maken afspraken over wat er de komende jaren moet gebeuren. Ook wordt er beloofd welke projecten komende jaren worden uitgevoerd. Het gaat dan om zaken als: het aantal beschikbare woningen, hoogte van de huren, veilig en prettig wonen in de buurt en duurzaamheid. In maart dit jaar besteedden we in een artikel al aandacht aan de prestatieafspraken. Dat was toen omdat Wooninspraak de prestatieafspraken met de gemeente Wijk bij Duurstede, Woonin en andere corporaties daar tekende.
Behouden bestaande afspraken
In januari 2027 worden de nieuwe prestatieafspraken in de gemeente Utrecht van kracht. De onderhandelingen beginnen nu al. De eerste helft van mei 2026 dragen alle partijen hun punten aan. Ook de werkgroep Prestatieafspraken in Utrecht heeft dat gedaan.
Belangrijke punten
Om te beginnen vinden we dat de in 2023 gemaakte afspraken moeten blijven gelden. We willen geen verkoop van huurwoningen. De nadruk moet liggen op het vergroten van het aantal sociale huurwoningen. Ook moeten de corporaties verder gaan met verduurzaming van de woningen. Corporaties en gemeenten moeten zorgen voor ‘gemengde wijken’. Ook willen we zien dat er gewerkt wordt aan meer sociale samenhang in buurt. Daarvoor moet het onderling contact tussen bewoners met wijkopbouwwerk worden gestimuleerd. Bepaalde groepen moeten blijvend voorrang houden. De voorwaarde hiervoor is dat ze goed begeleid worden in hun functioneren binnen de buurten. Tenslotte wil iedereen leven in een leefbare en veilige wijk.
Bindende afspraken en huurverhoging
In de huidige overeenkomst zijn afspraken vaak niet helder uitgewerkt. Niemand weet goed of, en wanneer een afspraak is nagekomen. Afspraken moeten dus beter genoteerd worden. Afspraken moeten dus ook preciezer, meetbaar en met een duidelijke einddatum worden.
Als woningcorporaties als Woonin afspraken nu niet nakomen, staat daar geen straf op. Er is in die zin geen reden voor corporaties om hun best te doen. Daarom willen wij dat er een koppeling komt tussen de prestaties van de corporatie en de huurverhoging. Als er niets gebeurt, of te weinig: geen of minder huurverhoging.
Inflatie
Wij de huurverhoging op basis van inflatie aan de kaak. Als er inflatie is, betekent dat dat geld minder waard wordt. Voor dezelfde euro kun je minder kopen dan bijvoorbeeld een jaar eerder. Alles wat geld kost en duurder wordt, heeft invloed op inflatie. Hogere prijzen zorgen voor meer inflatie. Duurdere sigaretten, hogere dieselprijzen en prijzen van koopwoningen zijn drie zaken die invloed hebben op de totale inflatie in een land. Bij een inflatie van 3% wordt alles wat een in een land gekocht gemiddeld 3% duurder. Wordt alles dat een corporatie doet dan ook gemiddeld 3 procent duurder? Dat valt te betwijfelen. Denk hierbij aan het doorberekenen van hogere dieselprijzen, terwijl de corporatie vooral met elektrische auto’s rijdt. We vinden dat het volgen van de landelijke inflatie geen goed idee. De huurverhoging zou gekoppeld moeten zijn aan de werkelijke kosten die de corporatie maakt.
Het volgen van de inflatie voor het bepalen van de huurverhoging heeft ook een zelfversterkend effect. Huurverhoging betekent namelijk ook dat je ‘minder kunt wonen’ voor dezelfde euro. Huurverhoging zelf draagt dus bij aan de inflatie. Wij pleiten voor een huur als compensatie die gebaseerd is op de kosten die corporaties maken. En die kosten te vergelijken met het jaar daarvoor om te kijken wat er met de huur moet gebeuren.
Eenmalige bijdragen niet in de huurverhoging verwerken
Dit jaar heeft Woonin voorgesteld de huren voor sociale huur met 3,7% te verhogen. Dit is 0,1% (procentpunt) meer dan de inflatie. Een deel van de huurders krijgt geen huurverhoging. Ze hebben dit jaar met renovatie of sloop te maken. Op zich is het goed dat deze huurders geen huurverhoging krijgen. Maar nu laat Woonin andere huurders betalen voor deze huurbevriezing. Bij een huur van 620 euro betaal je vanaf 1 juli per maand €0,62 extra. En deze ‘eenmalige’ bijdrage betalen we volgend jaar weer.
We worden gevraagd solidair te zijn. Solidariteit is het gevoel van saamhorigheid, de bereidheid elkaar te steunen zonder tegenprestatie. Lasten worden binnen een gemeenschap gedeeld. Solidariteit is goed, maar niet in de huurverhoging. Volgend jaar wordt de huur (met extra bijdrage daarin) wéér verhoogd. Terwijl de huurders waarvoor wij extra bijbetalen dan ook gewoon weer huurverhoging krijgen. Wij willen dat dit soort eenmalige huurbevriezingen niet door andere huurders worden betaald. Dat hoort niet en we hopen via de prestatieafspraken te regelen dat dat niet gebeurt.
Voorkomen grote prijsstijgingen door gasloos wonen
Aan De Omloop en de Laan van Chartoise in Utrecht zijn afgelopen jaren nieuwe huurwoningen gebouwd. Deze worden verwarmd zonder aardgas. Alles gebeurt met elektriciteit, dus ook koken en verwarmen. Er zijn hier keuzes gemaakt door Woonin die zeer nadelig zijn voor huurders. Er was een te ‘zware’ aansluiting gekozen. Gevolg: hoge vaste leveringskosten! Ook is er gekozen voor te goedkope verwarmingen (radiatoren). Dit type is niet geschikt voor gasloos verwarmen. Gevolg: stookkosten waren daardoor veel hoger dan nodig. Soms zelfs honderden euro’s.
Er worden komende jaren nog veel meer huizen gasloos opgeleverd worden. Om deze elende te voorkomen moeten er heldere afspraken gemaakt worden. Zoals over het type aansluiting en de kwaliteit van de installatie. Er moeten garanties komen voor het maximumbedrag voor energielasten.
Klimaatbestendige buurten en woningen
Door hetere zomers en drogere lentes moeten woningen anders worden geïsoleerd. Ook moeten tuinen en de buurten groener worden. De verwachting is dat buien steeds heviger worden. Er valt dan zoveel regen dat water woningen kan dringen. Dat moet voorkomen worden. Het water moet goed de grond in kunnen gaan. Daarom is er meer groen nodig, zeker ook in privétuinen. Er moeten meer planten en bomen worden geplant. Die moeten ook geschikt zijn voor een opwarmend klimaat. Daarnaast, waar mogelijk meer groen op daken en muren. We willen dat hier komende jaren werk van wordt gemaakt, zichtbaar en aantoonbaar.
We willen afspreken dat er een actieplan vergroening komt. Bewoners moeten bijvoorbeeld ondersteund worden als zij hun tuin willen vergroenen, vanuit de gemeente of de corporatie.
Ook moeten de woningen in de zomer minder heet worden. Zonwering helpt het meest om de hitte buiten het huis te houden. Daarom gaan wij pleiten voor heldere afspraken over het aanbrengen van zonwering bij alle huurwoningen. Te beginnen bij de woningen waar de klachten over hitte het grootst zijn.
Investeren in prettige en veilige buurten
Het contact tussen buren kan, zeker in sommige buurten, veel beter. Daarom gaan we pleiten voor een duidelijke afspraak over het aantal sociaal wijkbeheerders. We willen dat er een maximum aantal woningen per wijkbeheerder komt. Ook moet de hoeveelheid geld dat gereserveerd wordt voor buurtbudgetten zoals het Betere Buurtbudget van Woonin omhoog. In de prestatieafspraken moet daarvoor moet een vast percentage van de begroting worden afgesproken en vastgelegd. Ook willen we dat er onderzocht wordt dat corporaties een deel van het wijkopbouwwerk van stichting DOCK overneemt. Zeker in wijken waar deze welzijnsorganisatie slecht functioneert. DOCK ondersteunt bewonersinitiatieven, maar draait ook allerhande activiteiten in de wijkcentra, voor diverse doelgroepen.
Uitdagingen: geen nieuwbouw na juli 2026
In de periode 2027 tot en met 2031 wordt het bouwen van nieuwe woningen heel moeilijk. Er is geen ruimte meer op het energienetwerk. Woningbouwprojecten die ingepland worden na juli 2026 krijgen geen elektriciteitsaansluiting meer. Wat betekent dit voor de groei van het aantal huurwoningen? Hiervoor moet gezocht worden naar alternatieven. Bijvoorbeeld terugkopen van eerder verkochte huurwoningen. Ook willen we afspraken maken over het vergroten van de lobby in Den Haag en Brussel om nieuwbouw te betalen via de belasting.
Hoewel de bouw van woningen in Rijnenburg pas na 2035 moet beginnen, is dit ook een risicovol project. De polder is laag gelegen. Als de klimaatverandering en zeespiegelstijging doorgaat, is het echt riskant om woningen te gaan bouwen.
Onderhandelingen
De gesprekken over de nieuwe prestatieafspraken in de gemeente Utrecht beginnen op 23 mei. Begin 2027 moeten de afspraken rond zijn. Dan kunnen we ook meer zeggen over welke ideeën zijn opgenomen in de plannen.



