In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezing op woensdag 18 maart worden in de gemeenten waar Woonin woningen verhuurt allerhande politieke debatten georganiseerd. Op 25 februari organiseerde de partij GroenLinks-PvdA een debat met verder kandidaat-raadsleden van VVD, CDA en D66 aan de Maliebaan 16 in Utrecht. Leen en Luciën waren als vrijwilligers van Wooninspraak aanwezig bij dit debat. Stadsgeograaf Cody Hochstenbach is docent aan de Universiteit van Amsterdam en vertelde over het gemeentelijk woonbeleid. Mede dankzij zijn bijdragen was het een best interessante avond.
Deelnemende partijen
Er waren vier kandidaat-raadsleden die meededen aan het debat. Rick van der Zweth sprak namens Groenlinks-PvdA , Bram Janmaat namens D66. Het CDA was vertegenwoordigd door Hessel Stellinga en de VVD door Gertjan te Hoonter. Groenlinks-PvdA en D66 zitten nu in het lokale college van B&W en de VVD en het CDA zijn oppositiepartijen.
Invloed gemeenten op sociale huursector
Voor het debat begon gaf de Amsterdamse stadsgeograaf een korte introductie op het thema volkshuisvesting. De wooncrisis noemde hij een veelkoppige monster: er zijn veel dingen die de wooncrisis veroorzaken. Het treft in ieder geval veel mensen. In de afgelopen 17 jaar is het aandeel sociale huur gekelderd van 40 tot 30 procent van alle woningen, mede door sloop en verkoop van huurwoningen. Ook zijn de afgelopen 30 jaar veel te veel koopwoningen en dure huurwoningen gebouwd. Dakloosheid is enorm toegenomen en vooral veel voorkomend in de 4 grote steden, waaronder Utrecht.
Gemeenten kunnen hier verandering in brengen. Door bijvoorbeeld een hogere percentage sociaal en middenhuur te eisen bij nieuwbouwprojecten. Ook kan de gemeente bepalen dat er geen huurwoningen mogen worden verkocht. Ook kan zij actief stukken grond opkopen om meer invloed uit te oefenen op nieuwbouw op die plekken.
Landelijk en Europees beleid voor huurwoningen
Er zijn ook dingen waar gemeenten geen invloed op hebben, maar die wel corporaties kunnen helpen. Zoals het afschaffen van de winstbelasting (vennootschapsbelasting) die corporaties nu moeten betalen. Ook kan de overheid landelijk de inkomensgrenzen aanpassen voor toegang tot sociale – en/of middenhuur. Dat corporaties eigenlijk geen middenhuur mogen bouwen is bepaald door het Europees parlement.
Prioriteiten van de partijen
Vooral de eerste helft van de avond was interessant voor huurders bij een corporatie. Zo vertelden partijen over hun prioriteiten. Zo is het aandeel betaalbare woningen (sociale huur en middenduur) nu 75% bij nieuwbouwprojecten. PvdA-Groenlinks wil naar 90% betaalbaar, omdat er nu 11-12 jaar wachttijd is voor een huurwoning. CDA en D66 willen de 75% betaalbaar houden, maar CDA een groter aandeel middenhuur (35%), D66 wil middensegment stimuleren, de VVD wil een groter deel koopwoningen, nieuwbouw huurwoningen vindt ze ook in buurgemeenten kunnen.
Flexibeler omgaan met gemeentelijke eisen?
De VVD wil minder eisen stellen aan woningbouwprojecten, want het staat nieuwbouw in de weg. D66 en CDA vinden ook dat er met aantallen woningen of vierkante meters per woning kan worden geschoven om projecten toch door te laten gaan. GroenLinks-PvdA wil vasthouden aan kwaliteitseisen en betaalbaarheid juist omdat het een wooncrisis is. Regels zijn opgesteld met een reden, maar woninggrootte is voor hen ook een mogelijkheid voor besparing. De VVD meldde dat het middenhuurbeleid door de landelijke regering is overgenomen, maar dat Utrecht eigenwijs haar eigen specifieke regels blijft houden: onnodig ingewikkeld voor ontwikkelaars.
Commerciële of sociale ontwikkelaars
PvdA-Groenlinks stelt dat in de gemeente Utrecht een aantal commerciële ontwikkelaars niet uit algemeen belang handelen. Zo was er een investeerder die redelijk goedkoop grond kocht aan het Merwedekanaal, er niets mee deed en later met vele miljoenen winst weer doorverkocht. De VVD vindt dat op deze manier commerciële partners door de gemeente voor rotte vis worden uitgemaakt.
VVD en CDA zijn tegen voorkeursrecht. Dit is beleid waarbij gemeente bepaalt dat zij als eerste mogen kiezen of ze een stuk grond willen kopen als de eigenaar de grond wil verkopen. PvdA-GroenLinks is voor dit voorkeursrecht van de gemeente omdat alles nodig is om de bouw van betaalbare woningen en buurtvoorzieningen te stimuleren.
CDA, VVD en D66 willen zo snel mogelijk gaan bouwen in de polder Rijnenburg. Alleen PvdA-Groenlinks was voorzichtiger en wilde eerst de bestaande terreinen in de stad beter benutten en bijvoorbeeld meer ‘inbreiden’/’verdichten’: woningen toevoegen in bestaande buurten.
Tot slot gaf PvdA-Groenlinks aan dat ze leegstand willen verbieden om zo honderden nieuwe woningen erbij te krijgen. Alle partijen waren het erover eens dat alleenstaande oudere bewoners in te een grote woning zo veel mogelijk moeten doorstromen naar een kleinere woning, om woonruimte beter te gebruiken.
Weinig echt debat
Hierboven hebben we geprobeerd om de belangrijkste verschillen tussen de partijen weer te geven. Maar over het algemeen was de toon van het debat rustig. Partijen waren het ook vaak eens met elkaar, zoals over het inzetten op meer bouwen van nieuwe huizen. Het was niet heel duidelijk welke offers partijen willen brengen om die bouw te stimuleren. Dat had het debat wel interessanter en spannender gemaakt. Nu kwam de scherpte vooral bij de stadsgeograaf en een enkele vraag uit het publiek.


